NIFEDIPINELaatste bijwerking : 2025.11.12 |
|||||||||
| Synoniem: | |||||||||
| Toedieningsweg: | oraal | ||||||||
| Klasse(n): | |||||||||
| Preconceptie | 0-3 | 4-6 | 7-9 | Perinataal | Borstvoeding | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| (ja) III | (ja) II | (ja) II | (ja) II | (ja) II | (ja) II | |
| geen info | geen info | geen info | ||||
Beperkte humane gegevens wijzen niet op een verhoogde incidentie van ernstige misvormingen bij baby’s uit moeders die nifedipine namen tijdens zwangerschap.
Borstvoeding is mogelijk tijdens een therapie met nifedipine.
Geen specifieke humane informatie beschikbaar. Tot nog toe werd geen melding gemaakt van beïnvloeding van de vruchtbaarheid.
Over het gebruik van nifedipine tijdens de zwangerschap bij de mens bestaan volgens de bijsluiter (SKP) onvoldoende gecontroleerde studies. Nifedipine dient voorbehouden te worden bij patiënten met ernstige hypertensie, bij falen van de therapie [SKP Nifedipine retard EG 12 2018].
Gegevens van 37 pasgeborenen die gedurende het eerste trimester aan nifedipine werden blootgesteld, wijzen niet op meer afwijkingen (2 gevallen tegen 2 verwacht) waarvan 1 cardiovasculair defect. Geen enkele afwijking werd vastgesteld in 5 verschillende type-afwijkingen waarvoor gegevens beschikbaar zijn gespleten verhemelte, open rug, polydactylie, verkorte ledematen en hypospadie (Michigan Medicaid study) [Briggs]. In een studie met 25 patiënten werd geen teratogeniciteit vastgesteld [Schaefer].
Er is beperkte ervaring met calciumblokkers in het eerste trimester van de zwangerschap. Een Hongaarse case control studie vond geen verhoogd risico op ledemaat afwijkingen en andere afwijkingen na gebruik van een calciumblokker in het eerste trimester. De resultaten van een cohort studie met 217 vrouwen die in de vroege zwangerschap een calciumblokker hadden gebruikt wijst niet op een verhoogd risico op hartafwijkingen bij de pasgeborenen. Een andere studie met 40 eerste trimester blootstellingen gaf ook geen verhoogd risico op afwijkingen in het algemeen. Algemeen wijzen de beschikbare gegevens niet op een hoger risico op afwijkingen. LAREB raadt niettemin aan tot terughoudendheid met de toepassing van calcium kanaal blokkers tijdens het eerste trimester [LAREB 11 2025].
Deze bevindingen worden bevestigd bij Le Crat. Wanneer vóór de zwangerschap een behandeling werd ingesteld met nifedipine, kan die voortgezet worden tijdens de zwangerschap [LE CRAT 11 2025].
De aanbeveling om nifedipine te gebruiken in geval van hypertensie wordt versterkt door de bevindingen van Tita et al. (2022) in een open, gerandomiseerd, multicentrisch onderzoek. Zwangere patiënten met milde hypertensie (n=2408) werden verdeeld in twee onderzoeksgroepen: een controlegroep (n=1200) en een behandelde groep (n= 1208). 430 patiënten kregen een behandeling met nifedipine. Het risico op preëclampsie was lager in de behandelde groep. Vroeggeboorten (< 37 weken) en laag geboortegewicht (< 2500 g) kwamen significant minder voor in de behandelde groep.
Dierexperimenteel:De toediening van nifedipine werd geassocieerd met een verscheidenheid aan embryotoxische, foetotoxische en voor de placenta toxische effecten, waaronder onvolgroeide foetussen (ratten, muizen, konijnen), kleine placenta’s en onderontwikkelde chorion villi (apen), dood van embryo en foetus (ratten, muizen, konijnen) en verlengde zwangerschap/verminderde neonatale overleving (ratten; werd niet geëvalueerd bij andere species). Als een voldoende hoge systemische blootstelling is bereikt, kan niet uitgesloten worden dat er een risico bestaat voor de mens. Alle doseringen geassocieerd met de teratogene, embryotoxische of foetotoxische effecten bij dieren waren echter toxisch voor de moeder en waren gelijk aan verschillende keren de aanbevolen maximale dosis voor de mens [SKP Nifedipine Retard EG 12 2018].
Tweede trimester:De begindosering is 30 mg eenmaal daags. Verhoog zo nodig de dosis stapsgewijs op basis van klinisch effect. Tijdens de zwangerschap kan in ieder geval tot 120 mg per dag gedoseerd worden. Op basis van de farmacokinetische veranderingen in het tweede en derde trimester kan op individuele basis overwogen worden om, in een klinische setting, de dosis nifedipine te verhogen tot een maximum van 240 mg per dag op basis van symptomen en geobserveerde bijwerkingen. De effecten van doseringen boven de 120 mg op moeder en de foetus zijn niet goed bestudeerd. Dit moet worden meegenomen in het besluitvormingsproces en besproken worden met de patiënt. Let op: bij hogere doseringen kan het risico op longoedeem bij de moeder verhoogd zijn [LAREB 11 2025].
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Uit de beschikbare klinische gegevens kan geen specifiek prenataal risico afgeleid worden. Nochtans werd een stijging gerapporteerd van het aantal gevallen van perinatale verstikking, keizersneden, alsook premature geboorten en intra-uteriene groeivertraging. Het is niet duidelijk of deze gevallen te wijten zijn aan de onderliggende hypertensie, de behandeling ervan of een specifiek effect van het geneesmiddel [SKP Nifedipine retard EG 12 2018].
Dihydropyridines kunnen de bevalling en geboorte verlengen (zie "Klasse-tekst"). Tocolyse met nifedipine gedurende max. 48 uren kan bij dreigende vroeggeboorte aangewezen zijn (off-label). Acuut longoedeem is waargenomen als calciumantagonisten, waaronder nifedipine, gebruikt werden als een tocolytisch middel tijdens de zwangerschap, vooral in gevallen van meerlingzwangerschap (tweelingen of meer), bij intraveneuze toediening en/of gelijktijdig gebruik van beta-2 agonisten [SKP Nifedipine retard EG 12 2018].
Volgens LAREB is nifedipine één van de voorkeursmiddelen bij hypertensie tijdens de zwangerschap in het tweede en derde trimester [LAREB 11 2025].
In een placebo gecontroleerde studie waarbij patiënten gedurende gemiddeld 43 dagen werden behandeld zag men geen verschil tussen nifedipine (n = 54) en controle (n = 55) voor wat betreft de duur van de zwangerschap en de negatieve perinatale uitkomsten (3,8% voor nifedipine en 5,5% voor placebo RR = 0,52; 95% CI 0,10-2,61). Er werden meer keizersneden uitgevoerd in de nifedipine groep in vergelijking met placebo [Verspyck et al. 2017].
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Perinataal (steeds rekening houden met de gegevens bij de actuele trimester) :Zie derde trimester.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Opvolging :Geen specifieke informatie beschikbaar.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
L2
Nifedipine gaat over in de moedermelk. De concentratie nifedipine in de melk is bijna vergelijkbaar met de serumconcentratie van de moeder. Voor formuleringen met onmiddellijke afgifte wordt voorgesteld het geven van borstvoeding of afkolven 3 tot 4 uur uit te stellen na toediening van het geneesmiddel om de blootstelling van de zuigeling aan nifedipine te verminderen. Dat principe kan aangehouden worden voor formules met onmiddellijke vrijstelling. Voor preparaten met een verlengde werking geldt deze regel niet [Briggs][SKP Nifedipine Retard EG 12 2018].
Wanneer rekening wordt gehouden met de gedeeltelijk absorptie van nifedipine uit het maagdarmkanaal (50%), wordt de door de zuigeling opgenomen dosis als weinig risicovol beschouwd. Gegevens werden verzameld bij een 10-tal zogende moeders. Symptomen zoals lethargie, bleekheid en gebrek aan eetlust moeten opgevolgd worden bij de zuigeling, alhoewel in de bekende gevallen geen ongewenste effecten werden gerapporteerd bij de zuigeling [Briggs][Hale][LACTMED 11 2025].
Nifedipine wordt aangewend bij pijnlijke vasospasmen in de tepels van zogende moeders (e.g., Raynaud phenomenon) wanneer warme compressen of vermijden van koude niet helpen. Voor deze behandeling wordt 20 tot 60 mg per dag aangeraden. Lagere doses kunnen geprobeerd worden, indien intolerantie voor hogere doses [LACTMED 11 2025].
Dierexperimenteel:
Geen specifieke informatie beschikbaar.
| Preconceptie | Zwangerschap | Borstvoeding | ||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| (ja) III | (ja) III | |||||
| geen info | geen info | ← Condoom gebruiken / Onthouding | ||||
Beperkte humane informatie beschikbaar. Er werd melding gemaakt van reversiebele beïnvloeding van de functionaliteit van spermatozoïden door Ca-antagonisten in het algemeen.
In geïsoleerde gevallen van in-vitro fertilisatie veroorzaakten calciumantagonisten, zoals nifedipine, reversibele biochemische veranderingen in spermatozoïden met als gevolg stoornissen van de spermafunctie. Bij deze mannen bij wie herhaaldelijk geen resultaat geboekt wordt na in-vitro fertilisatie, zouden calciumantagonisten, zoals nifedipine, als mogelijke oorzaak kunnen worden beschouwd, indien geen andere verklaring voorhanden is [SKP Nifedipine Retard EG 12 2018].
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Geen specifieke informatie beschikbaar over de overgang via het sperma.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Verspyck E, de Vienne C, Muszynski C, et al. Maintenance nifedipine therapy for preterm symptomatic placenta previa: A randomized, multicenter, double-blind, placebo-controlled trial. PLoS ONE 2017 12(3): Article Number e0173717
Tita AT, et al. Treatment for Mild Chronic Hypertension during Pregnancy. NEJM: Published on April 2, 2022, at NEJM.org. DOI: 10.1056/NEJMoa2201295
Gegevens over het gebruik van calciumantagonisten tijdens honderden zwangerschappen wijzen tot nu toe niet op een verhoogd risico op nadelige effecten of teratogeniciteit voor de foetus of pasgeborene.
Volgens LAREB zijn de gegevens over Ca-antagonisten beperkt, vooral tijdens het eerste trimester. Tot nog toe werd geen verhoogde incidentie van geboorte afwijkingen vastgesteld. Als een calciumblokker nodig is, dan gaat de voorkeur uit naar verapamil en nifedipine [LAREB 11 2025].
LECRAT geeft dezelfde boodschap voor Ca-antagonisten: beperkte ervaring, maar geen verhoogde incidentie van geboorte afwijkingen. Indien Ca-antagonisten nodig zijn geeft LECRAT naast nifedipine (1ste keuze) ook nicardipine (2de keuze) aan [LECRAT 11 2025].
In tegenstelling met dierexperimentele gegevens, is er geen evidentie voor verminderde uteroplacentaire doorbloeding. Meer misvallen en vroeggeboorten werden vastgesteld, alsook laag geboortegewicht. Deze effecten worden eerder in verband gebracht met complicaties bij zwangeren en waarvoor Ca-antagonisten worden ingezet (hypertensie). Vooral nifedipine wordt gebruikt als tocolyticum, met de bedoeling vroegtijdige arbeid uit te stellen [Schaefer 2015].
Vermindering van mannelijke fertiliteit is beschreven bij gebruik van sommige calciumkanaalblokkers (reversibel). In enkele gevallen van in-vitro fertilisatie werden calciumantagonisten geassocieerd met reversibele biochemische veranderingen in de kop van de spermatozoïde, wat kan resulteren in een verzwakte functie van het sperma. Bij deze mannen waarbij herhaaldelijk geen bevruchting werd waargenomen en waarbij geen andere verklaring kan worden gevonden, kunnen calciumantagonisten worden beschouwd als een mogelijke reden (bron : SKP Ca-antagonisten).
Geen specifieke informatie beschikbaar.